Donkey Kong

Een klasgenoot van mij had een grote zwerm fans. Niet omdat hij zo leuk was. Hij droeg mufruikende nylon shirts en opende zijn mond alleen voor gemene opmerkingen. Het ging om wat hij elke pauze uit zijn tas haalde. Een schermpje met een rode achterkant. Donkey Kong, een van de eerste draagbare computerspelletjes. Hij liet zijn aap van boom naar boom slingeren terwijl de halve klas over zijn schouder meekeek. Heel soms gaf hij het spelletje minzaam uit handen. Aan degene die het meest had geslijmd.

Ik was jaloers, heel jaloers. Meer dan honderd gulden kostte zo’n spelletje en dat had ik niet. Slijmen ging me te ver, dus er bleef weinig anders over dan gefrustreerd toekijken. “Donkey Kong” verder lezen

Haar

Ik heb haar. Daar moet ik eigenlijk heel blij mee zijn, want er zijn genoeg leeftijdgenoten zonder haar. Weliswaar vrijwel allemaal mannen, maar toch.

Ik ben ook heus wel blij met mijn haar. Het is dik, in de zomer krijg ik zonder er iets voor te doen, blonde strengen erin, en het is nog niet eens grijs. “Haar” verder lezen

Schoenen

J. heeft nieuwe schoenen. Niet zomaar schoenen. Laarzen zijn het, hoge zwarte laarzen, met riempjes met gespen erop die rinkelen bij elke stap die ze zet. Het lijken wel motorlaarzen. Ordinair, zou mijn moeder zeggen. Als ik om haar mening zou vragen.

J. is heel blij met haar nieuwe schoenen. Ze kijkt in elke ruit waar ze langs loopt naar haar spiegelbeeld en slaakt dan een zucht van verrukking. “Schoenen” verder lezen

Opgepropte worst

Laatst was ik in de stad om kleding te kopen. Eigenlijk doe ik dat niet zo vaak, want als vrek geef ik niet graag geld uit aan kleding en bovendien heb ik een hekel aan passen. Dat gedoe in zo’n smal kleedhokje waarin je al nauwelijks je schoenen uitkrijgt. Dan loop ik nog liever een tijdje langer in mijn afgesleten spijkerbroek rond.

Maar nu moest het er maar eens van komen, had ik besloten. Mijn spijkerbroek was al een half jaar aan de onderkant gerafeld, maar nu begon het ook aan de bovenkant. Tijd voor iets nieuws. Misschien, dacht ik, moet ik eens heel gek doen. Een skinny jeans proberen.

“Opgepropte worst” verder lezen