30 Dagen Planken

Voor tijdschrift Genoeg schrijf ik de rubriek ‘De Uitdaging’. Dertig dagen probeer ik een goed voornemen vol te houden. Dit is de vijfde aflevering.

 

Dag 0
Een mens is meer dan alleen zijn geest. Het oog wil ook wat. Het oog wil een strak en gespierd lichaam. Is dat in dertig dagen te bereiken? Jazeker, ontdek ik na een googlerondje. Dat kan met de plank challenge van dertig dagen. Maximaal resultaat met een minimale inspanning. Ik print een schema uit voor beginners en hang die op de koelkast. Ik ben er klaar voor.

Dag 1
Met planken train je je ‘core’, fitnesstaal voor romp. In de wereld van fitness en gezondheid, pardon health, heet alles anders. Springen en met je armen zwaaien heet Jumping Jack, je traint geen buikspieren maar ‘abs’ en een diepe kniebuiging heet ‘squat’. Planken moet je officieel ook op zijn Engels uitspreken, dus plenken. Ik houd het gewoon op lekker Hollands planken met een a.

Die naam klopt wel, want planken houdt in dat je je lichaam als een plank strekt. Je ellebogen op de grond, je onderarmen recht onder je schouders en je staat op je tenen. En je lichaam is, jawel, stijf als een plank. Dat betekent: buikspieren aanspannen, rugspieren aanspannen en rustig doorademen. Het klinkt simpeler dan het is. Ik begin vandaag met twintig seconden. Die gaan me makkelijk af.

Dag 2
Een goede uitvoering is essentieel lees ik overal. Anders loop je risico op allerlei nare blessures. Ik laat de pubers een youtubefilmpje zien van een man die een correcte plank uitvoert. ‘Ik ga dat nu ook doen en jullie moeten zeggen of ik het goed doe.’

‘Kont omlaag,’ commanderen ze. Ik verschuif een beetje. ‘Nee nog lager.’ Gehoorzaam zak ik. Het voelt drie keer zo zwaar.

Dag 6
Rustdag volgens schema. Het valt geweldig mee tot nu toe. Gisteren heb ik veertig seconden geplankt. Niet lang natuurlijk, maar het kostte me ook weinig moeite. Wie weet wat ik na deze dertig dagen allemaal voor elkaar krijg. Misschien ga ik wel dagelijks vijf minuten planken!

Dag 9
Vandaag moet ik zestig seconden. Eigenlijk vind ik de plank een vervelende oefening. Ik krijg pijn in mijn tenen, het is saai en vooral best zwaar. Maar ik ga dapper door. Ik zet een timer, ga in de goede houding staan en ben heel blij als die rinkelt.

Dag 10
Nog net voordat ik naar bed ga denk ik eraan dat ik moet planken. Ik vind dit geen gezellige uitdaging.

Dag 11
Bezorgd kijk ik naar het schema. Ik begon met twintig seconden per dag. Geen probleem. Nu zit ik op zestig. Dat gaat goed. Maar hierna gaat het hard. Via negentig gaat het naar honderdtwintig en op dag 22 moet ik al op honderdtachtig seconden zitten. Honderdtachtig seconden. Drie minuten! Ik ga daar nu nog niet over nadenken.

Dag 13
Weer een rustdag. Het is maar goed ook. Ik ben nog geen twee weken bezig en ik word kriegel van die plank.

Dag 14
Van zestig naar negentig seconden, de helft erbij dus. De bedenker van dit schema is niet goed snik. Dit is nauwelijks vol te houden. Ik stort ter aarde als de timer piept. Daarna hijg ik nog vijf minuten na.

Dag 15
Ik ben bepaald niet alleen, de plankchallenge is hartstikke populair op internet. Iedereen doet hem en is dolenthousiast. Ik moet overdag planken, lees ik. Dan ben ik nog fit en dan heb ik het beste resultaat. Maar ik doe het ’s avonds. Ik houd het namelijk niet meer vol zonder mijn huisgenoten die voor mij de tijd bijhouden. Ze moeten niet alleen roepen als ik mag stoppen, nee, ze moeten om de tien seconden zeggen hoe lang ik nog moet. Zonder hun oppeppende kreten gaat het niet meer.

Dag 16
Ik moet voor het eerst honderdtwintig seconden. Voor me leg ik een horloge met de tijd. Tot vijftig seconden gaat het goed. Makkelijk zelfs. Ik houd dit wel uren vol. Maar vanaf zestig wordt het zwaar. En zwaarder. En nog zwaarder. Bij 95 houd ik niet meer vol. Ik zijg ter aarde, vloekend.

‘Hier stop ik dus mee!’ roep ik. Mijn huisgenoten kijken verbaasd toe. ‘Dan maar geen strakke core’, mopper ik.

Dag 17
Net over de helft en ik ben gestopt. Zo’n fitnesschallenge is alleen voor mentaal ongezonden. Wie gaat zichzelf nou zo afbeulen, vrijwillig?

Dag 18
Vandaag zou ik weer honderdtwintig seconden moeten planken. Maar ik doe het lekker niet. Ik blijf lekker zitten, lees fitnessblogs en huiver. Er zijn mensen die uitsluitend met fitness bezig zijn. De hele dag door martelende oefeningen. En geen dertig dagen, maar jaren achter elkaar. Ze hebben stalen bovenbenen, armspieren als kabels en buiken waarop je de handwas kunt schrobben. En, als ik afga op de stukjes die ze schrijven, een hoofd dat zo leeg is dat het er echoot.

Dag 20
Middenin de uitdaging stoppen vind ik toch een beetje slap. Ik bedenk een gematigd schema. Een week lang elke dag zestig seconden, met één rustdag. Daarna naar zeventig seconde, dus tien seconden extra. Dat lijkt me een normale en gezonde opbouw.

Dag 23
Ik heb een feestje. Ik trek een vrij strakke jurk aan. Hij zit goed. Volgens mij heb ik stevigere buik- en rugspieren. Is al dat geplank toch nog ergens goed voor geweest.

Dag 27
Ik heb al vijf dagen niks gedaan. Ik denk er pas aan als ik al in bed lig. Of ik heb er geen zin in. Of ik voel een rare steek bij mijn knie. Er is altijd wel een goeie smoes om het niet te doen. En dat voelt wel lekker. Zelfs een beetje recalcitrant, wat het nog lekkerder maakt.

Dag 30
Weekend. Ik lig op de bank en lees de krant. ‘Wie schenkt koffie in?’ roep ik. De pubers weigeren en vertrekken naar boven, telefoon in de hand. Ik sjok naar de keuken. Op de koelkast hangt nog steeds mijn plankschema. Ik voel aan mijn buik. Niks geen strakke core, maar lekker zacht en rond. Als ik het had volgehouden had ik vandaag vijf minuten achter elkaar moeten planken. Ik lach heel hard. Dan schenk ik mezelf een grote kop koffie in en pak de koektrommel erbij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *