Schrobben en boenen

Bijna alle huishoudelijke klussen zijn vervelend maar de stomste is natuurlijk schoonmaken. Saai en vooral zinloos omdat je maar zo kort plezier hebt van je harde werk. Je hebt de vloer gedweild en je huisgenoten smeren vijf minuten later diezelfde vloer weer vrolijk vol met modder en resten herfstbladeren. Of nog erger: herfstbladeren waaronder hondenpoep verstopt zit.

Omdat ik zo’n hekel heb aan schoonmaken, mag ik van mezelf de nieuwste, duurste en meest luxueuze schoonmaakmiddelen aanschaffen. Dat verzacht het leed een beetje. De oplettende lezer zal opmerken dat een nog betere oplossing is dat ik een werkster inhuur. Maar dat doe ik niet.

Eerst even een leuk historisch detail. Een jaar of dertig geleden was het heel erg slecht en immoreel om een werkster te hebben. Als je links was tenminste. Want door een werkster in te huren was je een profiteur die zielige kansarme vrouwen uitbuitte die hun tijd beter moesten besteden. Ze moesten vooruit komen in de wereld, door een opleiding te doen of een ‘echte’ baan te zoeken. Maar de tijden zijn veranderd en tegenwoordig mag het gewoon, een allochtone vrouw zonder perspectief zwart betalen om jouw wc te schrobben.

Welnu, ik ben niet links en ik ben ook niet blijven hangen in het verleden. Ik heb heus geen principiële bezwaren tegen een werkster. Ik ben er gewoon te krenterig voor.

Gelukkig is er de laatste tijd een ware revolutie in schoonmaakmiddelen, met nieuwe geurtjes, nieuwe toepassingen en vooral nieuwe krachten. Het begon een jaar of tien geleden met het geweldige microvezeldoekje, alles in één veeg schoon zonder schoonmaakmiddel! en het allernieuwste zijn injectienaalden die je in de wc moet leegspuiten waardoor je wc zichzelf reinigt.

Dat soort schoonmaakmiddelen heb ik het liefst, die het werk voor jou doen. Zo schafte ik laatst een nieuwe fles aan voor de badkamer. Met een soort pistool er bovenop waar je schuim uit moest spuiten. Dat superschuim zou al het vuil van mijn badkamer verwijderen, voorspelde het etiket.

Vol verwachting spoot ik het spul op de tegels. Er kwam een beloftevol wit schuim uit, dat zelfs nog geluid maakte toen het op de muur zat. Een beetje psssssssssssssssssjt. Maar dan nog wat harder. En het rook behoorlijk chemisch. Het schuim was het vuil aan het opeten, dat kon niet anders. Ik zag het voor mijn ogen gebeuren, het witte schuim viel het aangekoekte vuil aan, ging een manmoedige strijd aan en gaf niet zomaar op, nee, sloeg keer op keer terug net zolang tot het vuil met de staart tussen de benen moest afdruipen.

Ik spoelde de tegels af. Wreef hem na met een doek, zoals moest van de fles. Toen ik de doek bekeek, zag ik het al. Het vuil zat op de doek. En het meeste vuil zat nog gewoon op de muur.  Pas als ik heel hard met de doek over de muur wreef – een beweging die ook wel boenen wordt genoemd– kwam het eraf.

Schoonmaken zonder schrobben of boenen. Ik had het kunnen weten.

Afvallen zonder hongergevoel.

Rijk worden zonder werken.

En de prins op het witte paard.

Wat is het toch jammer dat het leven één aaneenschakeling is van illusies die uiteenspatten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *