Rollebollen

‘Je zult wel gemerkt hebben dat we uit elkaar zijn.’ Hij keek me met een verbeten blik aan.

‘Nee, eigenlijk niet,’ antwoordde ik. Naar waarheid.

‘Nou, we zijn dus uit elkaar. Al drie weken.’

‘Goh,’ zei ik. ‘Vervelend.’

‘Tja. Zij moest zo nodig met een ander rollebollen.’

Ik bekeek hem nog eens goed. Rollebollen?

Ik wist niet dat er mensen waren die dat woord serieus gebruikten. Ik nam tenminste aan dat hij het serieus bedoelde. Het paste niet bij hem. Nu ik erover nadacht, paste seks niet bij hem. Bij hen allebei niet. Het leek bijna een wonder dat ze twee kinderen hadden. Ik probeerde me voor te stellen dat zij iemand probeerde te verleiden. Het lukte me niet. Zou zij het initiatief hebben genomen of die ander?

Zijn jongste trok aan zijn broekspijp. ‘Gaan we voetballen?’
Hij pakte de bal en gooide hem een paar meter verder.
‘Ik kom zo,’ zei hij.

‘Wat vervelend,’ zei ik nog maar een keer.

‘Ja,’ zei hij grimmig. ‘Maar de kinderen blijven bij mij wonen. Ik heb de meeste tijd met ze doorgebracht. En als zij denkt dat we fifty fifty gaan doen, dan kan ze de pot op.’

Zijn oudste kwam aangefietst. Ze kon nog niet zo lang zonder zijwieltjes fietsen. Ik zag haar wankelen en wiebelen en toen omvallen. Hij zag niets. Pas toen ze begon te loeien als een sirene, liep hij naar haar toe.

‘Je moet ook voorzichtig zijn!’ foeterde hij. Hij zette haar weer rechtop haar fiets, draaide zich om en liep naar mij terug.

‘Waar was ik gebleven?’ vroeg hij.

‘Dat zij de pot op kon als ze fifty fifty wilde met de kinderen,’ zei ik hulpvaardig.

‘O ja. Nou ja, het lijkt me logisch dat ze bij mij blijven. Als ik heel eerlijk ben, ben ik de enige die om ze geeft. Zij heeft eigenlijk nooit echt naar ze omgekeken. Een echte moeder kan ik haar niet noemen.’

‘Heeft zij al een ander huis dan?’ vroeg ik. Ik probeerde een neutrale toon aan te slaan, maar ik wist niet zeker of mijn brandende nieuwsgierigheid er niet te veel doorheen klonk.

‘Zij woont in bij die, bij die, bij die eikel.’

‘Ach zo,’ zei ik weer.

Het was even stil. Ik keek de speeltuin rond. Ik zag dat zijn jongste een paar meter verderop ruzie maakte met een jongetje dat zijn bal wilde afpakken. Het jongetje gaf hem een schop. Zijn jongste schopte terug en roffelde het jongetje achter elkaar met beide vuisten op zijn hoofd, alsof hij een trommel bespeelde.

‘Goh,’ was het enige wat ik nog wist te zeggen. ‘Het is toch ook heel wat voor de kinderen, zo’n verandering.’

‘Ach, zij merken er niets van. Hun moeder was toch nooit thuis. Zogenaamd om te werken. Ha. Carrière maken. En ondertussen – jawel, daar was het weer! – rollebollen met de baas. Maar ik houd de kinderen er buiten hoor. Ik praat er niet over als zij er bij zijn. Dat is niet goed voor ze, dan komen ze in een loyaliteitsconflict. Krijgen ze later heel veel last van. Niet dat zij daar rekening mee houdt. Als ze de kinderen al ziet, begint ze onmiddellijk mij zwart te maken, dat weet ik zeker.’

‘Gaan we nu voetballen?’ jengelde zijn jongste weer. ‘Je had het beloofd.’ Het kind legde de bal voor de voeten van zijn vader.

‘Nu niet,’ snauwde hij. ‘Ik heb er echt geen zin in. Ga je zelf vermaken!’ Weer gooide hij de bal weg. Die raakte op een haar na zijn oudste die weer kwam aangefietst. ‘Mag ik snoep?’ gilde ze.

‘Nee, we gaan straks eten.’

‘Ik wil snoehoep,’ gilde ze, nu nog wat harder.

‘Nee. Snoep is niet goed voor je. Dat weet je best.’

Ze begon te huilen en liet zich op de grond vallen. ‘Ik mag ook nooit iets! Ik vind jou niet lief. Mama is liever.’
Hij zuchtte en opende zijn tas. Toen gooide hij een zakje drop naar zijn dochter. ‘Wel de helft aan je broer geven,’ zei hij erbij.

Hij lachte naar mij. Een klein lachje.

Eén antwoord op “Rollebollen”

  1. Ik wou dat ik iets spitsvondigs kon toevoegen. Maar helaas, ik kom niet verder dan de constatering dat dit leuk is om te lezen :).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *